 |
Sinds het begin van 2005 werken de politiediensten van de Beneluxlanden nog nauwer samen om de veiligheid van de bevolking in de drie landen te verzekeren. Nederlandse, Belgische en Luxemburgse politiemensen kunnen voortaan samen patrouilleren en wederzijdse bijstand verlenen bij grote evenementen en incidenten. |
Verdachten kunnen in het buitenland en in de grensregio’s voortaan ook achtervolgd en gearresteerd worden. De rechten en plichten van de politieagenten in het buitenland en de manier waarop deze internationale samenwerking georganiseerd wordt, zijn vastgelegd in het nieuwe Benelux-verdrag inzake politiesamenwerking. Dankzij het verdrag, dat een verruiming is van de historische samenwerking tussen de drie landen, worden de bevoegdheden van een politieagent in het buitenland uitgebreid. Daarnaast wordt ook de uitwisseling van informatie, materieel en personeel tussen de politiediensten van de verschillende landen vergemakkelijkt. |

Bevoegdheden
Het verdrag bepaalt dat een politieagent tijdens een actie in het buitenland steeds de rechtsregels en procedures van de gaststaat moet respecteren en eerbiedigen. Het grensoverschrijdende politieoptreden is meestal een optreden op verzoek van één van de Benelux-landen. In dringende gevallen, zoals een achtervolging, is dit voorafgaande verzoek niet nodig, maar moet het land wel onmiddellijk geïnformeerd worden over het optreden. De politie maakt in het buitenland gebruik van het eigen uniform, de eigen voertuigen en de eigen uitrusting.
Rechten
Een politieagent mag in het buitenland onder meer:
- het verkeer regelen;
- verdachten achtervolgen en arresteren;
- identiteitscontroles verrichten;
- toezicht houden op bepaalde plaatsen en de toegang tot deze plaatsen indien nodig ontzeggen;
- bepaalde plaatsen systematisch doorzoeken om de openbare orde en de veiligheid te garanderen;
- individuen (vb. regeringsleiders) of groepen (vb. voetbalsupporters) begeleiden om hun veiligheid te garanderen en eventuele incidenten te voorkomen;
- verdachten observeren.
Plichten
Een politieagent moet in het buitenland:
- steeds zijn of haar legitimatiebewijs kunnen voorleggen;
- de rechtsregels van de gaststaat eerbiedigen;
- verantwoording afleggen aan de bevoegde autoriteiten.
Dwang
De politieagent mag in overeenstemming met het recht van de gaststaat geweld uitoefenen of andere vormen van dwang toepassen. Vanzelfsprekend is dit aan zeer strikte regels gebonden.
Privacy
Politiediensten kunnen enkel persoonsgegevens uitwisselen om misdrijven te voorkomen of op te sporen. Deze gegevens worden niet langer dan noodzakelijk bewaard.
Klachten
Net zoals bij elk ander politieoptreden heeft de burger ook bij grensoverschrijdende acties de mogelijkheid om klacht in te dienen. Hiervoor kunt u terecht bij de bevoegde autoriteiten van de drie landen.
Het verdrag is van toepassing op het hele grondgebied van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden.
Meer informatie over het Benelux-verdrag inzake politiesamenwerking en de rechten en plichten van politieagenten in het buitenland vindt u op:
Websites
Telefoonnummers
- Luxemburg: 00352 49 97 20 28
- Nederland: 0031 0800 8051
- Internationaal noodnummer : 112
- Noodnummer politie Luxemburg: 113
NB : Aan deze informatie kunnen geen rechten worden ontleend. De precieze taakomschrijvingen en wettelijke rechten en plichten zijn beschreven in het verdrag en de daaruit voortvloeiende (wettelijke) bepalingen.